📷 Gouwenaar (Wikimedia Commons), Public domain
Dieren spotten in Nationaal Park Dwingelderveld
Het voorjaar is de tijd voor reptielen: op zonnige ochtenden in maart, april en mei zijn hagedissen en slangen actief. In augustus kleurt de heide paars, de mooiste maand om er simpelweg te zijn. In het najaar trekken kraanvogels over en pleisteren ze soms in het gebied; in de winter is de klapekster een specialiteit. Heide & ven
Nationaal Park Dwingelderveld — Het grootste natte heidegebied van West-Europa. Die combinatie van vochtige heide, vennen en zandverstuivingen levert een reptielen- en heidevogelgemeenschap op die in Nederland nauwelijks een gelijke kent. Je spot er vooral adder, klapekster, kraanvogel (trek), reptielen. Beste periode: Het voorjaar is de tijd voor reptielen: op zonnige ochtenden in maart, april en mei zijn hagedissen en slangen actief. In augustus kleurt de heide paars, de mooiste maand om er simpelweg te zijn. In het najaar trekken kraanvogels over en pleisteren ze soms in het gebied; in de winter is de klapekster een specialiteit.






Welke dieren zie je hier?
🦌 Das
Zeer zeldzaamgeverifieerd🦅 Slechtvalk
Grote kans in seizoenkans volgens bron🦎 Levendbarende hagedis
Met gelukkans volgens bron🦅 Zwarte specht
Met gelukkans volgens bron🦅 Kraanvogel
Met gelukgeverifieerd🦅 Blauwe kiekendief
Grote kans in seizoenkans volgens bron🦅 Klapekster
Grote kans in seizoenkans volgens bron🦅 Ruigpootbuizerd
Grote kans in seizoenkans volgens bron🦅 Smelleken
Grote kans in seizoenkans volgens bron🦌 Ree
Met gelukkans volgens bron🦎 Zandhagedis
Met gelukkans volgens bronVoor deze soorten ligt er een concrete kansinschatting met bron. De lijst komt uit dezelfde database als de dierpagina's.
Ook aanwezig gemeld in dit gebied (164 soorten) aanwezigheid gemeld
Van deze soorten is bekend dat ze hier voorkomen (NDFF), maar over de zichtkans is nog niets vastgelegd.
Amfibie (6)
Libel (30)
Reptiel (1)
Sprinkhaan (9)
Vis (1)
Vlinder (27)
Vogel (61)
Zoogdier (land) (22)
Zoogdier (land/water) (2)
Zoogdier (vleermuis) (5)
Wandelroutes
Wandelroute Dwingelderveld
Het grootste natte heidegebied van West-Europa. Patrijs, ree en de Ruiner schaapskudde.
📍 Startpunt op de kaart 🧭 Route naar startpunt (Google Maps) 📄 Routebeschrijving bij Natuurmonumenten / Staatsbosbeheer
Jac. P. Thijsse Wandelroute
Langs de Benderse Berg, het Smitsveen met bronstijd-grafheuvels en de schaapskooi.
📍 Startpunt op de kaart 🧭 Route naar startpunt (Google Maps) 📄 Routebeschrijving bij Natuurmonumenten / Staatsbosbeheer
Familiepad Dwingelderveld
Heide, bos, jeneverbes, grafheuvels en vennen.
📍 Startpunt op de kaart 🧭 Route naar startpunt (Google Maps) 📄 Routebeschrijving bij Natuurmonumenten / Staatsbosbeheer
Familiepad Spier
📍 Startpunt op de kaart 🧭 Route naar startpunt (Google Maps)
Koelevaartsveen
Voormalig veengebied waar hoogveen wordt hersteld.
📍 Startpunt op de kaart 🧭 Route naar startpunt (Google Maps) 📄 Routebeschrijving bij Natuurmonumenten / Staatsbosbeheer
Kijkhutten & observatiepunten
🔭 Vogelobservatiehut Davidsplassen
Beste moment: In alle seizoenen de moeite waard.
Vooral voor: Vogels, libellen en kikkers
Hut met kijkgaten aan de Davidsplassen; de fietsroute komt er langs. Bezoekerscentrum Dwingelderveld, Benderse 22 in Ruinen.
🔭 Vogelobservatiewand Holtveen
Observatiewand met luikjes aan het fietspad langs het Holtveen, met zicht op het moerasgebied.
Praktische informatie
- Toegankelijkheid: Het hele jaar toegankelijk tussen zonsopgang en zonsondergang, op de paden. Vrij toegankelijk via wandel- en fietspaden; bij het informatiepunt bij Spier ligt een rolstoeltoegankelijk pad.
- Parkeren: Parkeren bij bezoekerscentrum Dwingelderveld (Benderse 22, Ruinen) en bij de diverse ingangen (o.a. Spier).
- Honden: Welkom, aangelijnd, op de paden.
- Voorzieningen: Bezoekerscentrum Dwingelderveld (Ruinen), uitkijkhut bij de Davidsplassen en Theehuys Anserdennen (Ansen) voor horeca; wandel- en fietsroutes.
🌿 Regels in dit gebied
Beheerder Natuurmonumenten / Staatsbosbeheer hanteert eigen regels. Blijf op de paden, respecteer rustgebieden en afsluitingen, houd honden aangelijnd waar dat geldt, en gebruik geen drone — die zijn in vrijwel alle natuurgebieden verboden.
Status: Geverifieerd · Laatst gecontroleerd: 2026-07-31
Foto: Gouwenaar (Wikimedia Commons), Public domain
Natte heide, en dat is zeldzamer dan droge
Het Dwingelderveld is volgens Natuurmonumenten “het grootste natte heidegebied van West-Europa”, met een oppervlakte van 3.700 hectare. Natte heide is iets anders dan de droge heide van de Veluwe: er staat water in de laagtes, er groeit dopheide in plaats van alleen struikheide, en dat trekt een compleet andere set soorten aan.
Daar horen de vennen bij. Het park telt er “ruim veertig”, en de herkomst verschilt: “Een deel van die vennen is ontstaan in de ijstijd, andere zijn het resultaat van veenafgravingen.” Voor wie wil spotten zijn die vennen de plekken om te beginnen — libellen, amfibieën en drinkende vogels concentreren zich daar.
Alle drie de Nederlandse slangen op één heideveld
Dit is het bijzondere van dit gebied: “Alle drie Nederlandse slangensoorten – adder, gladde slang en ringslang” komen er voor. Dat is landelijk uitzonderlijk, en het is een direct gevolg van de combinatie van droge zonplekken, natte laagtes en veel structuur.
Vindplaatsen noemen we niet. Adder en gladde slang staan bij ons op het strengste publicatieregime, en de reden is praktisch: een reptiel gebruikt vaste plekjes om op te warmen, en zo’n plek is binnen een seizoen kapotgelopen. De kans dat je er een tegenkomt is bovendien klein als je op de paden blijft, en dat is precies de bedoeling. Zie verantwoord spotten.
Twee schaapskuddes houden het landschap open
Zonder begrazing zou deze heide binnen enkele decennia bos worden. Er lopen daarom “twee schaapskuddes” die “door elk een herder gehoed” worden. Het gaat om het Drents heideschaap, dat “takjes van struikheide” vreet “en deze struiken kort” houdt. Runderen doen het grovere werk: die “weten wel raad met taaiere grassen als pijpenstrootje en grotere boompjes”.
De twee schaapskooien staan aan weerskanten van het park: één “aan de Benderse, op loopafstand van bezoekerscentrum Dwingelderveld”, en één “aan het Achter ’t Zaand bij Lhee”. Een kudde zien uittrekken is een bezienswaardigheid op zich, en het is een van de weinige momenten waarop je met zekerheid iets ziet bewegen op de heide.
Wat er verder broedt en jaagt
Natuurmonumenten noemt “spechten, roofvogels en typische heidevogels zoals de roodborsttapuit en boomleeuwerik”. In de winter komt daar de klapekster bij, die vanaf een uitstekende tak de heide afspeurt. En net als in het Fochteloërveen en de Peel geldt hier: “de sierlijke kraanvogel op het Dwingelderveld zijn jongen groot brengt”. Broed- en slaapplaatsen blijven ook hier buiten de site.
Verder lezen bij de bron
- Natuurmonumenten, Nationaal Park Dwingelderveld — 3.700 hectare, het grootste natte heidegebied van West-Europa, ruim veertig vennen en de drie slangensoorten. natuurmonumenten.nl
- Nationaal Park Dwingelderveld, twee schaapskuddes begrazen de heide — het Drents heideschaap, de rol van runderen en de twee schaapskooien. nationaalpark-dwingelderveld.nl
- Natuurmonumenten, Bezoekerscentrum Dwingelderveld — startpunt, openingstijden en excursies. natuurmonumenten.nl
- Natuurmonumenten, Bos- en heideroute Dwingelderveld — route die beide landschapstypen aandoet. natuurmonumenten.nl
- Natuurmonumenten, Familiepad Noordenveld — korte route voor wie met kinderen komt. natuurmonumenten.nl
- Natuurmonumenten, Drentse Heidedagen — jaarlijks evenement rond de heide en de kuddes. natuurmonumenten.nl
- Nationaal Park Dwingelderveld, de parkorganisatie — actuele informatie, verhalen en activiteiten. nationaalpark-dwingelderveld.nl
Veelgestelde vragen
Welke dieren kun je op het Dwingelderveld zien?
Het Dwingelderveld staat bekend om zijn reptielen: levendbarende hagedis, zandhagedis, ringslang en adder komen er alle vier voor. In de winter is de klapekster een specialiteit — een kleine grijze vogel die vanaf de top van een struik jaagt en zich goed laat vinden als je weet waarop je moet letten. In het najaar trekken kraanvogels over en strijken ze soms neer. Doordat het landschap open is, kun je hier bovendien ver kijken: buizerds en andere roofvogels zijn er goed te volgen.
Wanneer ga je het beste?
Dat hangt af van waarvoor je komt. Voor reptielen is het vroege voorjaar het beste, van eind maart tot in mei, op zonnige ochtenden na een koele nacht. Voor het landschap is augustus onovertroffen, wanneer de heide bloeit. Voor vogels is de winter interessant, met de klapekster, en het najaar vanwege de overtrekkende kraanvogels. Vroeg op de dag is in alle gevallen beter dan midden op de dag.
Er leven adders op de heide — moet ik oppassen?
Blijf op de paden en kijk waar je loopt, dan is er niets aan de hand. De adder is schuw en bijt vrijwel alleen als iemand op hem stapt of hem probeert vast te pakken. Houd je hond aangelijnd: honden die door de vegetatie struinen lopen het grootste risico. Zie je er een liggen, blijf dan staan, geniet op afstand en loop met een boog verder. Wij noemen geen plekken waar ze te vinden zijn — een zonnende adder die opgejaagd wordt, verliest opwarmtijd die hij nodig heeft.
Hoe kom je er en waar parkeer je?
Je parkeert bij het bezoekerscentrum Dwingelderveld aan de Benderse 22 in Ruinen, of bij een van de andere ingangen, waaronder Spier. Vanaf beide kanten loop je het heidegebied direct in. Bij het informatiepunt bij Spier ligt een rolstoeltoegankelijk pad, en bij de Davidsplassen staat een uitkijkhut met zicht over open water — een goede plek om te gaan zitten en te wachten in plaats van door te blijven lopen.
Mag mijn hond mee?
Ja, aangelijnd en op de paden. Dat is hier geen formaliteit: het Dwingelderveld is broedgebied voor vogels die op de grond nestelen, en een loslopende hond richt in het broedseizoen veel schade aan. Daarnaast lopen honden die door de heide struinen een reëel risico op een adderbeet. Aangelijnd blijven is dus net zo goed in het belang van je hond als van het gebied.
Gegevens over voorkomen en waarnemingsdichtheid komen uit de NDFF. Praktische informatie via Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer. Zie ook onze verantwoording.
De seizoensmail
Eén keer per maand een korte mail: welke dieren er die maand te zien zijn, in welke gebieden, en wat er die maand net begint of juist ophoudt. Niet vaker, en nooit een advertentie.
Je krijgt eerst een mailtje met een bevestigingslink. Pas als je daarop klikt sta je op de lijst — zo kan niemand jouw adres aanmelden.