Noordse witsnuitlibel spotten in Nederland
Zeldzaam 🪰 Libel
Waar en wanneer zie je een noordse witsnuitlibel in Nederland? Deze soort is zelden te zien, van april tot en met juli.
Hoe herken je een noordse witsnuitlibel?
Kleine witsnuitlibel van 31 tot 38 millimeter met het kenmerkende witte gezicht. Steviger gebouwd dan de venwitsnuitlibel, met grotere vlekken op het zwarte achterlijf: rood bij het mannetje, breder en geel bij het vrouwtje. Beslissend is de voorrand van de vleugel, die egaal geel is in plaats van tweekleurig.
Waar zie je deze soort in Nederland?
Vooral de hoge zandgronden in de oostelijke helft van het land, plus de duinen, de Waddeneilanden en enkele laagveengebieden.
📍 Fochteloërveen
aanwezigheid gemeld📍 Nationaal Park De Groote Peel
aanwezigheid gemeld📍 Deelerwoude
aanwezigheid gemeld📍 Nationaal Park Dwingelderveld
aanwezigheid gemeld📍 Nationaal Park Drents-Friese Wold
aanwezigheid gemeld📍 Nationaal Park De Hoge Veluwe
aanwezigheid gemeld📍 Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug
aanwezigheid gemeld📍 Planken Wambuis
aanwezigheid gemeldDeze koppelingen komen rechtstreeks uit de database — per gebied met de kans, de bron en het bewijsniveau.
Wanneer is de beste tijd?
Groen = te zien · oranje = piekperiode. De balk rolt automatisch uit de database.
Beste periode: Apr t/m eind jul, met de piek in mei.
Beste tijdstip: Warme uren midden op de dag.
Recente waarnemingen
👁️ Waar is deze soort recent gezien?
Bekijk de actuele waarnemingen op Waarneming.nl. Een handige aanvulling op onze geverifieerde informatie.
Zo vergroot je je kans
- Ga op een warme, windstille dag tussen een uur of tien en vier — dan zijn ze actief.
- Zoek de plek op, niet het dier: bloemrijke randen bij vlinders, oevers en open water bij libellen.
- Beweeg langzaam en houd je schaduw van het dier af; die valt eerder op dan jijzelf.
- Vroeg in de ochtend zitten ze nog koud en stil op een blad — dan kun je het dichtst naderen.
🎒 Wat je hiervoor nodig hebt
Macrolens of verrekijker met korte scherpstelafstand
Fotograferen
Fotografeer de vleugelvoorrand scherp — egaal geel of tweekleurig is hier het hele verschil. Mannetjes bezetten vaste uitkijkposten op vegetatie vlak bij het water en keren daar telkens naar terug
🌿 Verantwoord spotten
Houd afstand, blijf op de paden en lok dieren nooit met voer of geluid. Verlaat het gebied zodra een dier onrustig wordt.
Status: Geverifieerd · Laatst gecontroleerd: 2026-08-07
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een noordse en een venwitsnuitlibel?
Drie dingen, en de vleugel beslist. De voorrand van de vleugel is bij de noordse witsnuitlibel egaal geel; bij de venwitsnuitlibel is die tweekleurig, zwart aan de basis en geel naar de punt. Verder is de noordse witsnuitlibel steviger gebouwd met grotere vlekken op het achterlijf. En het vleugelmerk van het mannetje is bij de noordse roodbruin, bij de venwitsnuitlibel vrijwel zwart. Ze zitten op dezelfde vennen, dus dit is een determinatie waarvoor je een goede foto van de vleugel wilt.
Waar vind je noordse witsnuitlibellen?
Op vennen, hoogveen en duinpoelen, vooral op de hoge zandgronden in de oostelijke helft van het land. Opvallend is dat hij het in de duinen en op de Waddeneilanden juist beter doet dan de venwitsnuitlibel — daar is hij de algemenere van de twee. Soms zit hij ook in laagveenmoeras. Net als zijn verwant is hij afhankelijk van veenmosrijk water, want daarboven zet het vrouwtje haar eitjes af.
Wanneer vliegt de noordse witsnuitlibel?
Van april tot eind juli, met de piek in mei. Dat maakt hem een uitgesproken voorjaarssoort en een van de eerste libellen van het jaar. In juli is hij al bijna verdwenen. Wie in augustus bij een ven een zwarte libel met rode vlekken ziet, kijkt dus vrijwel zeker naar een heidelibel en niet naar een witsnuitlibel.
Waarom staat hij op de Rode Lijst?
Om dezelfde reden als de andere witsnuitlibellen: hij is afhankelijk van schoon, voedselarm, veenmosrijk water, en dat type ven is in Nederland zeldzaam geworden door verdroging, vermesting en verzuring uit de lucht. Vier van onze vijf witsnuitlibellen staan daarom op de Rode Lijst. Het zijn bij uitstek soorten waaraan je kunt aflezen hoe het met de kwaliteit van vennen en hoogveen gaat.
Waar zoek je jonge dieren?
Niet aan het water. Pas uitgeslopen witsnuitlibellen vliegen weg van het ven naar beschutte plekken in bos en op de heide, waar ze zich opwarmen en jagen tot ze geslachtsrijp zijn. Pas daarna keren de mannetjes terug om een klein territorium te bezetten vanaf een vaste uitkijkpost in de oevervegetatie. Een zonnige bosrand honderd meter van het ven kan dus productiever zijn dan de waterkant zelf.
Gegevens over voorkomen komen uit de NDFF en van De Vlinderstichting. Zie ook onze verantwoording.
De seizoensmail
Eén keer per maand een korte mail: welke dieren er die maand te zien zijn, in welke gebieden, en wat er die maand net begint of juist ophoudt. Niet vaker, en nooit een advertentie.
Je krijgt eerst een mailtje met een bevestigingslink. Pas als je daarop klikt sta je op de lijst — zo kan niemand jouw adres aanmelden.