Wildkalender
Wat kun je in januari spotten?
Wilde dieren zijn niet het hele jaar even goed te zien. Deze kalender laat per maand zien welke soorten er dan werkelijk iets te beleven geven, en waarom juist die maand telt.
Januari
69 soortenOp volgorde van hoe groot je kans is. Onder elke soort staat waarom juist deze maand telt.
Januari is de maand met de grootste aantallen en de kleinste inspanning. Je hoeft niet ver, je hoeft niet vroeg op, en je hoeft niet lang te lopen: het meeste staat gewoon in het open veld, en het is er in getallen die de rest van het jaar niet voorkomen. Wat je wél nodig hebt is geduld en warme kleren, want alles draait om stilstaan.
Nederland is een ganzenland
Van de kolgans is Nederland volgens de soortpagina een van de belangrijkste overwinteringsgebieden ter wereld, en januari is het hart van dat seizoen. In de polders staan ze met duizenden tegelijk, samen met brandganzen, en op het water zitten smienten, nonnetjes, grote zaagbekken en brilduikers. Tussen de zwanen zit met wat geluk een wilde zwaan, die hier van half oktober tot half april is. Vriest het een paar dagen, dan verdwijnt het open water en concentreert alles zich op de laatste wakken — dat is het moment om te gaan.
Boven het open land
Waar zoveel vogels bij elkaar zitten, jagen roofvogels. De zeearend is in januari op zijn best te zien, en boven heide en kwelders hangen blauwe kiekendieven, ruigpootbuizerds en de velduil, die in de winter juist wél te zien is. Op open terrein zit de klapekster steevast op het hoogste punt dat er is: een losse struik, een paaltje, een draad.
De vos laat zich horen
Januari valt midden in de ranstijd van de vos, die van december tot februari loopt. In die weken zijn vossen overdag actiever dan normaal, en 's nachts hoor je het schorre blaffen dat mensen consequent voor iets anders houden. Het eerste licht is kansrijker dan de avond.
En de uilen roepen nog steeds
De roepactiviteit van uilen loopt volgens achttien jaar dagelijkse waarnemingen in Limosa van september tot in januari, en Sovon kopte niet voor niets dat het voor bosuilen al lang nieuwjaar is. Een heldere, windstille januariavond in oud loofbos is nog altijd een van de beste momenten van het jaar.
Sporen lezen
Dit is dé maand voor sporen. Natte grond, rijp en soms sneeuw houden prenten vast, en zonder blad zie je waar dieren werkelijk lopen. Onder een vaste uilenrustplek liggen braakballen vol muizenbotjes — noteer wat je vindt en ga er niet nog een keer onder staan. Ook vraatsporen zijn nu goed leesbaar: aangevreten dennenappels van de eekhoorn, geschilde takken, en de wroetplekken van wilde zwijnen.
Tel een half uur mee
Het laatste weekend van januari houdt Vogelbescherming Nederland de Nationale Tuinvogeltelling: je kijkt één keer een halfuur naar je tuin of balkon en geeft door wat je ziet. Het kost niets, het levert echte data op, en het is de makkelijkste manier om je eigen herkenning te toetsen. Wie in de weken ervoor al voert, telt bovendien meer soorten: wat er wel en niet in de voedertafel hoort, staat in tuinvogels voeren.
Waar je heen gaat, en waar je op let
Voor ganzen, zeearend en wintereenden: de Oostvaardersplassen, Lauwersmeer, De Onlanden en de Biesbosch. Voor velduil en klapekster naar open heide of duin: Dwingelderveld of Zuid-Kennemerland. Eén ding om serieus te nemen: winter kost dieren energie die ze niet kunnen missen. Een groep ganzen die door jou opvliegt, verbrandt reserves voor niets. Blijf op afstand en op de paden — zie verantwoord spotten.
Makkelijk
Bonte strandloper
Honderdduizenden vogels op het wad; oktober is de absolute piek.
Makkelijk
Boomkruiper
Kale bomen en gemengde mezengroepen maken hem in de winter het best zichtbaar.
Makkelijk
Brandgans
Overwinteraars in het Waddengebied, Friesland en de Delta.
Makkelijk
Buizerd
Kaal veld en zichtbare muizen: buizerds zitten langs de weg.
Makkelijk
Eider
In de winter zijn de aantallen het hoogst, met tienduizenden dieren in de Waddenzee.
Makkelijk
Ekster
Kale bomen: de grote overkoepelde takkennesten zijn dan overal te zien.
Makkelijk
Groenling
Komt in groepjes op zonnepitten af; met zijn zware snavel de dominante gast aan de silo.
Makkelijk
Grote mantelmeeuw
In de winter komen er noordelijke vogels bij; dan zijn de aantallen het hoogst.
Makkelijk
Grote zilverreiger
Onmiskenbaar wit in een kaal winterweiland.
Makkelijk
Halsbandparkiet
In de winter verzamelen honderden vogels zich bij zonsondergang in gezamenlijke slaapbomen.
Makkelijk
Huismus
Grotere groepen bij voederplaatsen en dichte hagen; makkelijk te tellen in de tuin.
Makkelijk
Kauw
Grote gezamenlijke slaapplaatsen; in de schemer luid roepend overtrekkend.
Makkelijk
Keep
Grote groepen onder beuken, op zoek naar beukennootjes; aantallen wisselen sterk per winter.
Makkelijk
Kolgans
Grote groepen in de polder, in- en uitvliegend bij zonsopkomst.
Makkelijk
Koolmees
De hele dag actief bij voederplaatsen, en vanaf februari klinkt het eerste tsjie-poe.
Makkelijk
Kuifeend
Midden in de winter liggen de grootste groepen op het IJsselmeer en de randmeren.
Makkelijk
Pimpelmees
Trekt in gemengde groepjes door tuinen en hangt ondersteboven aan vetbollen.
Makkelijk
Ringmus
In de winter zitten er 150.000 tot 300.000 in het land, vaak in groepen op zaadrijke plekken.
Makkelijk
Roodborst
Noordelijke vogels erbij en opvallend tam bij tuinen; zingt ook midden in de winter.
Makkelijk
Rotgans
April en mei geven de grootste groepen: dan tanken ze bij voor de trek naar Siberië.
Makkelijk
Sijs
In de winter komen er grote aantallen uit Noord-Europa bij, met sterk wisselende aantallen per jaar.
Makkelijk
Spreeuw
Zwermen van tienduizenden boven de slaapplaats, in het laatste half uur voor het donker.
Makkelijk
Staartmees
Groepjes van vijf tot vijftien trekken piepend door struiken en tuinen.
Makkelijk
Stormmeeuw
In maart trekken 240.000 tot 380.000 vogels door op weg naar Scandinavië en Rusland.
Makkelijk
Topper
Grote drijvende groepen op het noordelijk IJsselmeer, vaak duizenden tegelijk.
Makkelijk
Wilde eend
De mannetjes dragen hun mooiste kleed; in de zomer zijn ze onherkenbaar in de rui.
Makkelijk
Zilvermeeuw
In de winter komen er honderdduizenden Scandinavische en Russische vogels bij.
Met geluk
Brilduiker
Duikend op open winterwater; het IJsselmeergebied en de randmeren zijn het meest kansrijk.
Met geluk
Goudvink
In de winter zitten er 20.000 tot 30.000 in het land en zijn ze bij besdragende struiken goed te zien.
Met geluk
Grijze zeehond
Pups met witte vacht liggen wekenlang op de zandplaten.
Met geluk
Groene specht
Zoekt mieren in gazons en bermen, goed zichtbaar op de grond.
Met geluk
Grote zaagbek
Midden in de winter op het IJsselmeer; in maart trekken 1.900 tot 4.900 vogels door.
Met geluk
Kleine barmsijs
In de winter komen er noordelijke vogels bij en zitten ze in groepjes in berken en elzen.
Met geluk
Kleine zwaan
Foeragerend in gezinsgroepen op graslanden en akkers; slaapt op ondiep water.
Met geluk
Middelste zaagbek
Op open zout en brak water; de Waddenzee en de Delta geven de meeste kans.
Met geluk
Nonnetje
Op de grote zoete wateren; strenge vorst in het noorden brengt meer vogels hierheen.
Met geluk
Ransuil
Tussen oktober en maart vormt zich volgens Sovon Vogelonderzoek Nederland de echte winterroest: groepen slapende uilen, overdag zichtbaar.
Met geluk
Slechtvalk
Noordelijke vogels erbij; jaagt ook boven polders en wetlands.
Met geluk
Sperwer
Jaagt bij voederplaatsen in tuinen.
Met geluk
Vos
Ranstijd in de winter, spelende welpen in april en mei.
Met geluk
Waterpieper
Langs natte oevers in het rivierengebied; het winterhalfjaar is de enige periode.
Met geluk
Wilde zwaan
In kleine groepen op graslanden en akkers langs de grote rivieren en in Flevoland.
Met geluk
Zeearend
Vogels uit het noorden erbij, en zonder blad zie je een zittende arend eerder.
Met geluk
Zeekoet
In de winter zijn de aantallen op de Noordzee het hoogst.
Met geluk
Zwarte zwaan
Broedt in onze wintermaanden, want zijn biologische klok staat nog op het Australische seizoen.
Zeldzaam
Alk
In de winter zijn de aantallen op de Noordzee het hoogst.
Zeldzaam
Beekforel
De paai boven grind- en kiezelbodems in snelstromende beken.
Zeldzaam
Blauwe kiekendief
Laag jagend boven open polders, vooral in het laatste uur voor zonsondergang.
Zeldzaam
Bruinvis
Dichter onder de kust; kalm water is bepalender dan de maand.
Zeldzaam
Dwergmuis
Als de vegetatie afsterft worden de bolnestjes in het riet zichtbaar — dan vind je hem het makkelijkst.
Zeldzaam
Grote barmsijs
Midden in de winter, en dan vooral in jaren waarin de zaadoogst in het noorden tegenvalt.
Zeldzaam
Klapekster
Wintergast op open heide; zit overdag hoog op een uitkijkpost.
Zeldzaam
Kuifduiker
Op beschut zout water in de Delta; de Oosterschelde is de klassieke plek.
Zeldzaam
Pontische meeuw
In de winter zitten de grootste gemengde meeuwengroepen langs de grote rivieren; daar zit de kans.
Zeldzaam
Roodhalsfuut
In de winter op open water langs de kust en op de grote meren; dan is de kans het grootst.
Zeldzaam
Ruigpootbuizerd
Biddend boven open land; in invasiejaren zijn er beduidend meer vogels dan normaal.
Zeldzaam
Smelleken
Alleen in het winterhalfjaar; jaagt laag en snel over open land.
Zeldzaam
Velduil
In de winter komen noordelijke vogels; dan is de kans op een jagende velduil het grootst.
Zeer zeldzaam
Bultrug
De Atlas van de Nederlandse zoogdieren geeft een piek in november tot februari.
Zeer zeldzaam
Dwerggans
Midden in de winter, wanneer de ganzengroepen het grootst zijn.
Zeer zeldzaam
Grote kruisbek
Invasies bereiken ons meestal in het late najaar en de winter.
Zeer zeldzaam
Kwabaal
De paai vraagt water van ongeveer 4 °C en valt in januari tot maart.
Zeer zeldzaam
Lynx
In de wintermaanden is de vacht het voljst en zijn de oorpenseeltjes het best zichtbaar.
Zeer zeldzaam
Oehoe
Roept het meest in de late winter, in de uren rond zonsondergang.
Zeer zeldzaam
Roodhalsgans
Midden in de winter zijn de gemengde ganzengroepen het grootst, en daarmee de kans het hoogst.
Zeer zeldzaam
Steenarend
Het winterbeeld komt van Vogelbescherming Nederland. De aanvaarde gevallen zijn veel gelijkmatiger over het jaar verdeeld dan die uitspraak suggereert.
Zeer zeldzaam
Taigarietgans
In december en januari is de kans het grootst, al gaat het om enkele dieren.
Zeer zeldzaam
Wilde kat
In de bronsttijd van januari tot maart zijn de dieren het mobielst en dus het best waar te nemen.
Zeer zeldzaam
Witoogeend
Januari geeft de meeste kans, meestal tussen groepen kuifeenden en tafeleenden.
De kalender wordt automatisch samengesteld uit de soortpagina’s. Komt er een soort bij, dan verschijnt hij hier vanzelf in de juiste maand. Staat een soort er niet bij, dan is dat een bewuste keuze: bij dieren als de otter, de boommarter en de wolf is er simpelweg geen maand waarin je kans merkbaar groter is.
Seizoenen schuiven met het weer. Gebruik deze kalender om te plannen, en de soortpagina zelf voor het beste moment van de dag. Zie ook onze verantwoording.
De seizoensmail
Eén keer per maand een korte mail: welke dieren er die maand te zien zijn, in welke gebieden, en wat er die maand net begint of juist ophoudt. Niet vaker, en nooit een advertentie.
Je krijgt eerst een mailtje met een bevestigingslink. Pas als je daarop klikt sta je op de lijst — zo kan niemand jouw adres aanmelden.